Eindresultaten proefrooiing 2018.

Nu de meeste percelen zijn doodgespoten hebben we in week 38 de laatste ronde van het proefrooien uitgevoerd.

 De getoonde opbrengst is de gemiddelde netto opbrengst (15% gecorrigeerd) van 100 percelen.

In de laatste 3 weken zijn de bemonsterde percelen met nog ongeveer 5 ton gegroeid, waarbij de gemiddelde netto opbrengst op net geen 40 ton per hectare uitkomt. Dit is ruim onder de gemiddelde opbrengsten van andere oogstjaren. 

Hierbij zijn de verschillen per gebied erg groot. En de verschillen tussen de percelen nog groter. De laagste opbrengst zat op 17 ton. De hoogste op 76 ton/ha.

 

Het OWG blijft ondanks de regelmatig aanwezige doorwas nog op een relatief hoog niveau van gemiddeld 404. Waar het OWG nog daalde van week 33 naar week 35, is het door het mooie droge weer gestabiliseerd in de laatste 3 weken.

 Ook het percentage drijvers is niet veel toegenomen. Waar we in week 35 nog gemiddeld op 1,8% zaten, is dit in week 38 gestegen naar 2,6%. Ook hier zijn de verschillen tussen de percelen erg groot. Ongeveer de helft van de percelen heeft helemaal geen drijvers. Bij de andere helft varieert dit tussen 0,1% en 50%. Vaak zijn de drijvers nog de secundaire knollen, die nog niet volgroeid zijn, maar de eerste primaire knollen die zijn leeggezogen worden inmiddels ook gevonden. Op het niveau van 2006 zitten we nog lang niet. Waar we destijds gemiddelde percentages van ruim boven de 10% vonden, ligt dat nu nog beneden de 5%.

Voor percelen met meer dan 10% doorwas blijft ons advies om deze percelen groen te rooien, of snel na het doodspuiten te rooien. Primaire knollen worden na het doodspuiten leeggezogen door de secundaire knol.